Bloedonderzoek (DM2)

Onderdeel van de zorg voor diabetes is het jaarlijkse bloedonderzoek. U ontvang hiervoor een labformulier van de huisartsenpraktijk. U moet nuchter zijn als uw bloed wordt afgenomen. Nuchter houdt in dat u 8 uur voor bloedafname niet mag eten (ook geen kauwgom) en drinken, behalve water. Meestal wordt het bloed daarom vroeg in de ochtend afgenomen. Overlegt u met uw huisarts of praktijkondersteuner of u uw medicatie moet innemen of niet.

De huisartsenpraktijk vertelt u waar het dichtsbijzijnde prikpunt is voor bloedafname.

Urineonderzoek

Jaarlijks moet u in het kader van de diabeteszorg ook uw urine laten onderzoeken. Door urineonderzoek kunnen stofwisseling- en nierziekten worden opgespoord. Voor het urineonderzoek is het opvangen van de eerste ochtendurine meestal voldoende. Deze urine is namelijk zeer geconcentreerd (vaak donkerder van kleur). Houdt u voor het opvangen de tijd aan dat u normaal opstaat. Voor alle urine geldt dat deze binnen 2 uur na het opvangen op het laboratorium moet zijn voor een goed resultaat.

Waar bloedprikken en wat kost het?

Bloedonderzoek in het kader van het ketenzorgprogramma diabetes wordt sinds 1 januari 2020 niet meer vergoed vanuit de ketenzorg. Dit betekent voor u dat de kosten hiervoor mogelijk belast worden vanuit uw eigen bijdrage. Voor bloedprikken kunt u in de regio's Zaanstreek en Waterland terecht bij het huisartsenlaboratorium SALT. In de regio Midden-Kennemerland kunt u terecht bij een prikpunt van SALT, bij Medial en bij het Rode Kruis Ziekenhuis.

bloed.jpg